VERHALEN en GEDICHTEN Marys en Piet Clarisse

MIJN VADER, PIET CLARISSE, SCHREEF GEDICHTEN EN IK, MARYS CLARISSE SCHRIJF VERHALEN.

SCHRIJVEN WAS VOOR ONS BEIDEN EEN GROTE HOBBY.

NU HEBBEN WE SAMEN DEZE WEBSITE.  WE WENSEN U VEEL LEESPLEZIER.

Vlissingen

 

Als ik in Vlissingen ben, ga ik altijd eerst naar het windorgel aan het eind van Boulevard Evertsen en bij het Nollenstrand. Waarom ik dat doe? Het uitzicht op dat punt is wonderschoon. Het geluid van de pijpen van het orgel gecombineerd met het uitzicht over de Westerschelde heen naar Breskens. De scheepvaart met de loodsbegeleiding laat me genieten en geeft me rust.

En dan zit ik daar en denk aan mijn kinderjaren. De maand augustus logeerde ik bij mijn oma en opa. Vanaf mijn achtste tot en met mijn zestiende jaar was ik in de maand augustus bij hen.

De avonturen die ik samen met mijn nichtjes beleefden waren legio.

Bijvoorbeeld, als de vissersschepen aanlegden, stonden alle handelaren al te wachten. Maar ook veel kinderen, want op de vissersschepen waren de krabben in zout gezet en gekookt. De kleine krabben werden aan de kinderen gegeven, even als de kleine garnalen. Dat was een festijn. Al die krabbetjes en die garnaaltjes bewaarde je in je rok. En je zocht een plekje waar je lekker kon peuzelen door het krabbetjesvlees uit de pootjes te zuigen en het vlees uit het schild van het lijfje te breken. Zo ging dat ook bij de garnaaltjes. Als je ’s middags thuiskwam bij oma en opa waren mijn lippen helemaal rood en schraal van al het zout.

Mijn opa en oma woonden aan de Oude Markt. Hun raam keek uit op de Sint Jacobskerk. Je kon altijd de klok zien. Mijn tante en oom en mijn nichtjes woonden in het benedenhuis. Het huis was van hen. Met mijn nichtjes Sonja en Freja trok ik altijd op. Later kwam daar Yolanda bij.

De Oude Markt bestaat niet meer, zoals in mijn jeugd. Op de plaats waar mijn oma en opa woonden is  een modern gebouw neergezet. De Hema is het grootste gebouw daar. Dit gebeurde in de Jaren Zestig van de vorige eeuw. In die tijd werden veel  oude gebouwen in Vlissingen afgebroken en vervangen door nieuwbouw.

De laatste jaren hebben de Vlissingers hun best gedaan om oude gebouwen te restaureren. Kijk naar het Arsenaal, hoe mooi dat is geworden. Ook een paar heel oude straatjes zijn helemaal gerenoveerd. Zie ook de molen aan de Westerschelde en niet te vergeten de Bomvrije, de oude gevangenis.

En gelukkig is het hart van Vlissingen nog steeds aanwezig: als de beiaardier van de Sint Jacobskerk speelt,  is dat te horen tot in de haven, bij het Arsenaal, de Badhuisstraat en nog verder.

Dan weet ik: ik ben thuis. Nostalgie voert dan de boventoon.

Maar nu ik ouder wordt en minimaal  honderd keer in Vlissingen ben geweest, voor kortere of langere tijd, merk ik dat bij mij de nostalgie aan het verminderen is. Mooie herinneringen blijf ik nog koesteren, maar die zijn doorgaans gebaseerd op mensen. Zoals mijn opa en oma en al mijn ooms en tantes, neven en nichten. Op de een of andere manier is Vlissingen een gewone stad geworden. Ook ben ik niet naar het windorgel geweest. Veel te druk met toeristen. Dus de begin tekst van dit verhaal is  mijn laatste nostalgische oprisping. Helaas!

Maar…mijn gevoel van vrijheid  en mijn herinneringen blijven bestaan.

 

Geschreven door Marys Clarisse in 2019

 Marys Clarisse en Piet Clarisse